5
september
0 Comments
Posted in Artikelen

De Arabische Lente is (nog) geen feest van de democratie

Het rommelt in het Midden-Oosten. En dit keer gaat het niet om Nederlandse politici of Deense cartoonisten. Het gaat, zo zegt men, om datgene wat wij tegenwoordig in de Westerse wereld wel als onze grootste verworvenheid beschouwen: vrijheid. Het recht van een bevolking om zijn eigen toekomst te kiezen en om de eigen machthebbers te kiezen en ze naar huis te sturen als ze hun boekje te buiten gaan, worden gezien als standaardkenmerken van moderne staten. Landen die (nog) niet democratisch zijn, zouden achterlopen. Impliciet is deze opvatting ook een onderdeel van het buitenlands beleid van Nederland en andere Westerse landen. Doordat zij democratisering in andere landen steunen wordt duidelijk dat ze van mening zijn dat landen die de democratie nog niet toepassen hulp nodig hebben om op hetzelfde (hoge) niveau als West-Europa te belanden. Nieuwe ‘echte’ democratieën zijn er echter nog niet ontstaan en weinig wijst erop dat de landen waar de lente is uitgebroken dat op eigen kracht snel zullen worden.

5
september
0 Comments
Posted in Columns

Het failliet van Europa

In de tijd van de Oude Grieken was Europa vooral wat Azië niet was. Al het gebied ten westen van Griekenland werd Europa genoemd en de Griekse poleis hielden als bewakers van de beschaving dapper stand tegen het Oosten. Op die manier werd Europa als geografische eenheid min of meer geboren. In de tweeduizend jaar die volgden was Europa vooral een strijdtoneel voor vorsten, religies en naties. De verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog en de angst voor het communisme leidden uiteindelijk tot een drang naar vreedzame eenwording. Van een balance of powers naar een power of balance.

11
mei
0 Comments
Posted in Artikelen

Een nieuw diplomatiek paradigma?

In de afgelopen jaren hebben Nederlandse bewindspersonen steeds meer nadruk gelegd op een meer economisch georiënteerde diplomatie in de buitenlandse politiek. De veranderingen op het wereldtoneel, de almaar toenemende concurrentiedruk, de europeanisering van de buitenlandse politiek en de groei van niet-statelijke actoren in de wereldpolitiek hebben gevraagd om een aanpassing van het buitenlands beleid van Nederland. Minister Verhagen, destijds nog verantwoordelijk voor Buitenlandse Zaken, zette in zijn Kamerbrief inzake Nederlandse vertegenwoordiging in het Buitenland (2009) dat ‘de Nederlandse overheid (…) haar internationale economische relaties actiever en assertiever [zal] moeten invullen om te voorkomen dat [Nederland] op een achterstand [zal] worden gezet’.