‘War on terror’ minus de clichés

Chris van Gorp

Kathryn Bigelow’s Zero Dark Thirty is een rauwe actiefilm die is gebaseerd op de jarenlange zoektocht naar Osama Bin Laden. De tagline van de film is ‘the story of history’s greatest manhunt for the world’s most dangerous man’. Hoewel dit een discutabele omschrijving is – personen als Hitler, Stalin en Mao zijn immers verantwoordelijk voor veel meer doden dan Bin Laden – is de film een opvallend objectieve verfilming. Er wordt geen aandacht besteed aan de ‘you either with us, or against us’-logica van George W. Bush en is er geen sprake van een discours van ‘westerse vrijheden’ versus ‘Islamitisch fascisme’. Na een decennium lang dergelijke retoriek gehoord te hebben, maakt dit de film verfrissend. Bin Laden wordt simpelweg weggezet als vijand van Amerika, die daarom opgespoord en uitgeschakeld dient te worden. Zijn ideologie en religie zijn niet het probleem; het feit dat hij hoofdverantwoordelijke is voor 9/11 maakt hem tot doelwit van de CIA.

Het verhaal is vrij rechtlijnig. De film volgt de jonge CIA-agente Maya (gespeeld door Jessica Chastain) en haar collega’s vanaf het moment dat Maya aan de slag gaat bij de Amerikaanse ambassade te Pakistan in 2003 tot het moment dat Osama Bin Laden door Navy SEALs uitgeschakeld wordt in zijn villa te Abbottabad, Pakistan. Het verhaal is niet ingewikkeld en plottwisten zijn nauwelijks aanwezig. Toch is Zero Dark Thirty absoluut geen saaie film. De zakelijke en afstandelijke stijl en het gevoel van authenticiteit zorgen ervoor dat de film tweeënhalf uur lang interessant blijft voor de kijker.

Er zijn drie zaken die bijdragen aan dit gevoel van authenticiteit. Ten eerste is er een cast waarin, op James Gandolfini (voornamelijk bekend als de pater familias in The Sopranos) na, geen grote Hollywood sterren spelen. Iets wat hieraan gerelateerd is, is het feit dat hoewel er wel over figuren als George W. Bush en Barack Obama gesproken wordt, ze geen prominente rol in de film hebben en – op enkele staatsieportretten en tv-beelden na – ook niet te zien zijn. Ook Bin Laden, de man waar de hele film om draait, krijg je als kijker nooit volledig in beeld te zien: een bebloed gezicht, een getint gezicht en een lange dikke grijze baard is het enige wat we van hem te zien krijgen. Juist omdat de beelden van de man zo bekend zijn, is dit slim gedaan door de makers. Zelfs de beruchte beelden van de vliegtuigen die de Twin Towers invliegen komen niet voor in de film; het enige wat de kijker ervan meekrijgt, zijn enkele fragmenten van telefoongesprekken die plaats vonden op die dag. In Zero Dark Thirthy staat noch Bin Laden, Bush of Obama, noch 9/11 centraal: het draait om de personen die Bin Laden opsporen.

Het rauwe en afstandelijke camerawerk is een tweede aspect dat de film zo sterk maakt. Het gebrek aan beeldstabilisatie geeft de film een journalistiek tintje, wat de film ten goede komt. De meeste van ons kennen ‘the war on terror’ immers alleen van korrelige CNN beelden. Was de film geschoten in de stijl die regisseurs als Stanley Kubrick of Mathieu Kassovitz hanteren – veel lange shots, weinig cutscenes en in het geval van Kubrick ook nog een vrij statische manier van filmen – dan zou dat Zero Dark Thirty ontdoen van het gevoel van urgentie en spanning.

Maar wellicht het sterkste aan de film is het zeer summiere gebruik van achtergrond muziek. Dit komt het sterkst naar voren in de 30 minuten durende scène waarin Amerikaanse commando’s het huis waarin Osama Bin Laden bestormen. Alleen de scènes bij het landen van de commando’s en het wegvliegen van de helikopters na het slagen van de missie bevatten muziek. Wat zo knap is aan deze scene is dat hoewel je als bezoeker weet hoe het afloopt – Bin Laden wordt doodgeschoten door de Navy SEALs– het toch een enorm spannende scene is. Je zit de hele tijd op het puntje van je stoel en je veert op bij elk onverwacht geweerschot. Zoals de man naast me in de bioscoop mompelde: ‘dit is veel te spannend zonder muziek’.

Voordat de film in de bioscoop te zien was, leidde hij tot veel controverse in de Verenigde Staten. De originele verschijningsdatum – een maand voor de verkiezingen – zorgde voor politieke ophef en leidde ertoe dat distributeur Columbia Pictures de landelijke verschijningsdatum verschoof naar januari 2013.[1] Daarnaast verweten Republikeinse politici de regering van Obama dat ze opzettelijk geclassificeerde documenten aan de filmmakers gegeven had, iets wat zowel Barack Obama als de makers ontkennen. Het US Senate Intelligence Committee heeft deze claim onderzocht, maar heeft niks gevonden wat hierop zou wijzen.[2] Het meest controversiële aspect van de film is een aantal martelscènes waarin op een realistische manier de CIA’s ‘enhanced interrogation techniques’ – denk aan zaken als waterboarding – in beeld worden gebracht. Dit leidde tot een debat tussen twee kampen. Het ene kamp claimde dat de film de reinste propaganda is voor martelen en het beleid van Bush. Volgens hen wekt de film de suggestie dat dit essentieel was in de speurtocht naar Bin Laden en daardoor het martelen rechtvaardigt. De prominente feminist Naomi Wolf ging zelfs zover om Bigelow te vergelijken met Leni Riefenstahl: Wolf erkende dat Bigelow een groot artiest is, maar altijd gezien zal worden als ‘het huishoudhulpje van de martelaars’.[3] Het andere kamp redeneerde echter dat alles wat Bigelow verfilmde toegegeven is door de Amerikaanse overheid en dat een film over ‘the war on terror’ zonder waterboarden niet historisch correct zou zijn, gezien de grote ophef toen het gebruik hiervan aan het licht kwam. Bigelow verklaarde dat het nu eenmaal een onderdeel van de geschiedenis van de ‘the war on terror’ is en daarom logischerwijs ook in de film zit. [4] Hoewel de martelscènes zeer naar zijn, zie ik persoonlijk niet in hoe de film het gebruik van martelen rechtvaardigt. De film laat zien dat het voor bepaalde CIA-agenten een noodzakelijk kwaad was, maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat de film makers zelf het met deze redenering eens zijn. Als de film al een punt wil maken met deze scènes, dan is dit dat de CIA door het gebruik van martelen in de strijd tegen Al Qaida haar ‘moral high ground’ verloor.

Concluderend is Zero Dark Thirty een absolute aanrader voor iedereen die geïnteresseerd is in ‘the war on terror’ en niet zit te wachten op Hollywood clichés, versimpeling of verbloeming van de smerige strijd tussen de CIA, het Amerikaanse leger en Al Qaida.

| Zero Dark Thirty (Verenigde Staten 2012) regie: Kathryn Bigelow, genre: actie/drama/geschiedenis.

 Chris van Gorp (1986) is politiek historicus en heeft zich daarnaast gespecialiseerd op het gebied van Conflictstudies.


[1] G. Greenwald, ‘WH leaks for propaganda film’ 23-05-2012, beschikbaar via:  http://www.salon.com/2012/05/23/wh_leaks_for_propaganda_film/singleton/, , (geraadpleegd op 27-02-2013).

[2] Auteur Onbekend, ‘Lawmakers end ‘Zero Dark Thirty’ probe’ 26-02-2013, beschikbaar via: http://www.chicagotribune.com/news/local/ct-talk-zero-dark-thirty-0226-20130226,0,2057968.story (geraadpleegd op 27-02-2013).

[3] N. Wolf, ‘A letter to Kathryn Bigelow on Zero Dark Thirty’s apology for torture’ The Guardian 4-01-2013, beschikbaar via: http://www.guardian.co.uk/commentisfree/2013/jan/04/letter-kathryn-bigelow-zero-dark-thirty (geraadpleegd op 27-02-2013).

[4] S. Pond, ‘Zero Dark Thirty Steps Into the Line of Fire, Answers Critics’, beschikbaar via: http://www.thewrap.com/awards/column-post/zero-dark-thirty-steps-line-fire-answers-critics-68781?page=0,01 (geraadpleegd op 27-02-2013).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>