‘Onttovering’, idealen en verantwoordelijkheid

Gaard Kets

In tijden als de onze, waarin fact free politiek bedrijven tot deugd schijnt te zijn verheven, is het opvallend dat een boek van bijna een eeuw oud met als titel Wetenschap als beroep & Politiek als beroep weer hernieuwde aandacht krijgt. Kan de recente herdruk van deze klassieker worden gezien als het begin van een tegenbeweging? Ik betwijfel het. Desalniettemin wordt van deze essays van Max Weber gezegd dat ze bij iedere politicus op het nachtkastje liggen –  of zouden moeten liggen – naast Machiavelli. Is deze hernieuwde interesse in het denken van Weber terecht? Jazeker. Zijn deze essays daadwerkelijk onmisbaar voor hedendaagse wetenschappers of politici? Misschien.

Gedurende de Eerste Wereldoorlog beleeft Weber de herfstdagen van zijn grootse wetenschappelijke carrière. Hij geniet bekendheid en faam als grondlegger van de sociologie en is bovendien een invloedrijk denker in de historische wetenschappen, economie en rechten. In deze hoedanigheid wordt hij in 1917 en 1919 door de Freistudentische Bund in München gevraagd als spreker in de lezingenreeks Geistige Arbeit als Beruf. Deze context is in grote mate bepalend voor de ideeën die Weber hier presenteert. In 1917 is al duidelijk dat Weber’s prille heimat de oorlog gaat verliezen en in 1919 is dit verlies een feit. Duitsland, dat al zeer zwak is door de zware straffen die door de overwinnaars worden opgelegd, krijgt ook nog eens te maken met allerlei muiterijen en revoluties door een verscheidenheid aan linkse revolutionaire groeperingen. Weber ziet Duitsland als politieke staat voor zijn ogen uit elkaar vallen en dit doet hem duidelijk pijn. Tegen deze achtergrond is het niet verwonderlijk dat hij geen hoge pet op heeft van de Duitse beroepspolitici.

Het eerste essay beschrijft de stand van het wetenschappelijke bedrijf in Duitsland, door het te vergelijken met de wetenschappelijke organisatie in de Verenigde Staten. Hierbij is het goed om te vermelden dat het Duitse woord Beruf in het Nederlands zowel beroep alsook roeping kan betekenen. In dit werk bespreekt Weber dan ook beide. Enerzijds geeft hij een vrij droge en weinig opwindende beschrijving van hoe men in praktische zin het brood kan verdienen als academicus. De beschrijving van deze wetenschappelijke praktijk levert voor historici een mooi beeld van hoe de academische wereld destijds functioneerde in Duitsland en Amerika, maar als gids of handvat voor huidige studenten die een carrière in de wetenschap ambiëren is het te zeer verouderd om nog daadwerkelijk nuttig te zijn.

Daarnaast beschrijft Weber echter ook de meer ethische of morele roeping die nodig is, wil men zijn leven in de wetenschap slijten. Vooral passages over de innerlijke roeping van de wetenschapper maken dit essay interessant. Weber constateert dat de wereld is gerationaliseerd, waardoor wetenschappers zich niet meer achter goden, priesters of profeten kunnen verschuilen. De wereld is verklaarbaar – Weber noemt het ‘onttoverd’. Maar hierin schuilt wel een gevaar. Wetenschappers die lesgeven aan studenten zijn vaak geneigd om zelf die rol van profeet in te vullen, waardoor de studenten niet de feiten, maar een specifiek gekleurde interpretatie van die feiten voorgeschoteld krijgen. Dit is volgens Weber begrijpelijk, ieder mens dient immers een demon – of hij nu wil of niet. Maar de wetenschapper moet professioneel (beroep) en deugdelijk (roeping) genoeg zijn om deze demon tijdens zijn colleges ter zijde te schuiven en de feiten te presenteren zoals ze zijn. Bovendien is een goede wetenschapper in staat om zijn leerling te dwingen om ‘tegenover zichzelf rekenschap af te leggen over de uiteindelijke zin van zijn eigen handelen.’[1]

Dit thema, verantwoordelijkheid nemen voor het eigen handelen, speelt ook een centrale rol in het essay over politiek als beroep. Dit essay begint met de vraag wat politiek nu eigenlijk is. Weber is hier helder over: elke staat is gebaseerd op geweld en politiek is de dreiging van het gebruik van dit geweld. Met andere woorden, politiek is het streven naar macht. Deze opvatting van Weber is en was niet nieuw, evenmin als de beschrijving die hij geeft van de politieke situatie in Amerika, Engeland en Duitsland. Wel vernieuwend is de bijdrage die Weber daarna levert aan de politieke filosofie, door aan te geven wat een goed politicus zou moeten kunnen en zijn.

Zoals ook in de wetenschap, is het nemen van verantwoordelijkheid voor Weber een essentiële karaktereigenschap van een goed politicus, samen met gedrevenheid en inschattingsvermogen. Er zijn volgens Weber twee ethische bases van waaruit een politicus kan opereren. Als iemand handelt vanuit de overtuigingsethiek, zal hij vooral gericht zijn op de in zijn ogen noodzakelijke handelingen (religieus of communistisch geweld zijn twee zaken die Weber voor ogen staan), zonder na te denken over de gevolgen ervan. Althans, een overtuigingsethicus zal geen verantwoordelijkheid nemen voor de gevolgen van zijn handelen. Het uiteindelijke doel staat voorop, eventuele kwalijke neveneffecten worden terzijde geschoven. Wanneer men echter opereert vanuit verantwoordelijkheidsethiek, zal men juist wel verantwoordelijkheid nemen en rekening houden met veelvoorkomende tekortkomingen van mensen – iets dat de overtuigingsethicus niet doet. Het is volgens Weber dan ook onmogelijk om de twee ethische grondslagen met elkaar te verenigen.[2]

Belangrijk om te begrijpen is dat Weber niet bedoelt dat politici niet vanuit een overtuiging mogen handelen – in tegendeel: politici moeten gedreven zijn. Maar de overtuiging moet wel politieke overtuiging zijn: ‘Wie streeft naar het heil van zijn ziel en naar de redding van die van anderen, die doet dat niet via de politiek, die immers heel andere taken heeft, taken die alleen met geweld te vervullen zijn.’[3]

Het zal de oplettende lezer niet veel moeite kosten te ontdekken welke vorm van ethiek Weber zelf voorstaat. Hierbij is het interessant om de context waarin Weber dit schrijft nog eens te benadrukken: terwijl hij deze tekst voordraagt zijn er in verschillende Duitse steden zogenaamde Communistische Arbeiders- en Soldatenraden ingericht die vaak na enkele weken of maanden weer worden afgeschaft door de Duitse staat. De dreiging van een bolsjewistische revolutie is alomtegenwoordig en de linkse politici stoken dit vuur regelmatig op. In het politieke denken van Weber spelen deze omstandigheden dus een grote rol – zolang politici alleen vanuit overtuiging blijven spreken zal er geen rust wederkeren in de Duitse politiek.

Tegen het einde van de toespraak komen de politieke realiteit ‘buiten’ en Webers politieke theorie ‘binnen’ schitterend samen. Hij richt zich tot de zaal en tot de huidige politici, en hij vraagt hen wat zij over tien jaar zullen doen, als de revolutionaire rook is opgetrokken en de utopische doelstellingen niet zijn gehaald. Bent u tegen die tijd verbitterd? Heeft u uw toevlucht gezocht tot een nieuwe ‘mode’? Zult u zich overgeven aan wat Weber noemt ‘mystieke wereldverzaking’? In dat geval zegt Weber: ‘[D]ie waren niet opgewassen tegen hun daden, en evenmin opgewassen tegen de wereld zoals ze werkelijk is, in haar alledaagsheid. Zij hebben de roeping  tot de politiek, die zij dachten in zich te hebben, niet gehad.’[4]

Wie dan wel die roeping heeft? Weinigen, aldus Weber. ‘Alleen wie er zeker van is dat hij niet te gronde gaat als de wereld, vanuit zijn standpunt gezien, te dom of te laag is voor wat hij haar wil bieden, alleen wie ondanks dit alles kan zeggen: “en toch”, alleen zo iemand heeft de ‘roeping’ tot de politiek.’[5]

| Max Weber, Wetenschap als beroep & Politiek als beroep (Nijmegen, Uitgeverij Vantilt 2012). ISBN: 9789460040955. Paperback € 15,00.

Gaard Kets (1987) is parlementair historicus en politiek filosoof.


[1] M. Weber, Wetenschap als beroep & Politiek als beroep (Nijmegen 2012) 35, cursivering in origineel.

[2] Weber, Wetenschap als beroep & Politiek als beroep, 98.

[3] Ibidem, 102.

[4] Weber, Wetenschap als beroep & Politiek als beroep, 105, cursivering in origineel.

[5] Ibidem, 106.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>