Oekraïne: de illusie van onafhankelijkheid

Mike van de Weijer

In het vorige nummer van Volonté Générale sprak Dorian Schaap over de politieke situatie in Oekraïne, de rol van Rusland daarin en de onderliggende relaties tussen de twee landen. Mike van de Weijer bespreekt hieronder een andere zienswijze, en pleit dat Oekraïne en Rusland historisch sterk met elkaar verbonden zijn.

Het kan snel gaan op het internationaal toneel. Een situatie die in juli en augustus nog op ieders lippen lag, is nu al veranderd in een bevroren conflict. Het is één van de vele conflicten die Rusland ondertussen koud genoeg houdt om niet op te laaien, maar warm genoeg om voor altijd een steen des aanstoots te zijn voor het Westen en voor de lokale tegenspeler van de wereldmacht in wederopstanding. Oekraïne is van de tv en uit de krant verdreven door ISIS, dat misschien tegen de tijd dat dit artikel verschijnt ook alweer van de voorpagina’s verdrukt is door het volgende hot button issue. Deze pauze in aandacht voor het conflict in Oekraïne maakt het echter mogelijk om het ‘van een afstand’ te beschouwen. Waarom viel Oekraïne ten prooi aan Russische agressie? Waarom slaagden de Russen in hun opzet? En wat betekent dit voor de andere post-Sovjetstaten?

Waarschuwing aan de Russische invloedssfeer
Het is niet moeilijk om een ranglijst te maken van de mate waarin voormalige Sovjetstaten zich op het Westen oriënteren. Boven aan de lijst staan uiteraard de drie Baltische staten: leden van NAVO en de EU die zich zo sterk mogelijk willen distantiëren van hun Sovjetgeschiedenis en eigenlijk al hetgeen dat Russisch is. Onderaan bungelen het semi-Stalinistische Wit-Rusland en Centraal-Aziatische dictaturen als Kazachstan en Oezbekistan. Van de niet aan de EU gebonden ex-Sovjetrepublieken zijn Oekraïne en Georgië zonder twijfel de twee meest op het Westen gerichte landen.

Dit maakt deze twee landen een bedreiging voor Rusland. Als Georgië en Oekraïne definitief aansluiting vinden bij het Westen, versterkt dit het strategische isolement waarin Rusland zich op zijn Europese flank gedrukt voelt. Vooral Oekraïne, dat niet alleen politiek maar ook geografisch op Europa gericht is, is in dat opzicht een gevaar.

Wie in Tbilisi over de President George W. Bush Street van het vliegveld naar het centrum rijdt en op elk overheidsgebouw een Europese vlag ziet wapperen, weet dat Georgië al een verloren zaak is voor Rusland. Jaren van agressie met als toppunt de invasie van 2008 hebben ervoor gezorgd dat het geboorteland van Stalin zich definitief van Rusland heeft afgekeerd.

Voor Oekraïne was dat, in ieder geval tot recent, nog niet het geval. Europa-georiënteerde en meer Russisch-gezinde politici volgden elkaar afwisselend op in de laatste vijftien jaar. Viktor Janoekovitsj en Leonid Koetsjma zijn vertegenwoordigers van het pro-Russische kamp, terwijl Viktor Joesjtsjenko en Joelia Tymosjenko een pro-Europees geluid hebben laten horen. Hoewel, de scheiding is niet echt zwart-wit te stellen. Een goed voorbeeld hiervan is de voor Rusland zeer voordelige gasdeal die door Tymosjenko werd ondertekend, waarna Janoekovitsj deze  deal probeerde terug te draaien.

In een Russische invloedssfeer die vooral bestaat uit lege steppes en vervallen dictaturen zou Oekraïne een parel zijn. Het stuivertje wisselen van de pro-Europese en pro-Russische regeringsleiders staat een stabiele band met zowel de EU als Rusland in de weg. Op dit probleem heeft Rusland gereageerd met agressie en doorzichtige machtspolitiek, de enige manieren van machtsuitoefening die het land nog lijkt te kennen. Met methodes die rechtstreeks lijken te komen uit het playbook van Slobodan Milosevic werd een ontluikend intern conflict door Russisch toedoen opgestookt om zo niet alleen een deel van Oekraïne te annexeren, maar ook een semionafhankelijke bufferstaat te creëren. Rusland is elke betrokkenheid blijven ontkennen. Door het conflict te laten bekoelen en geholpen door de opmars van ISIS verschoof de aandacht van Russische inmenging in Oekraïne naar het conflict in het Midden-Oosten.

Het machtsvertoon tegen Oekraïne is een Russisch signaal aan de andere staten van de voormalige Sovjet-Unie: ‘Laat de Westerse sentimenten niet te hoog oplaaien. Als we een derde deel van het relatief rijke Oekraïne hebben kunnen veroveren zal dit met jullie, ex-Sovjetstaten, ook geen probleem zijn.’ Het beoogde publiek van deze boodschap zijn vooral staten in Centraal-Azië die hun eerste post-Sovjetpresidenten afschudden of daar pogingen toe doen, en oppositiegroepen in Wit-Rusland en Armenië.

Achtergronden van de overwinning
Weliswaar heeft Rusland niet heel Oekraïne veroverd, maar het heeft in Oekraïne wel een overwinning behaald.  De Krim, etnisch bijna geheel Russisch en van belang vanwege de vlootbasis, is als nieuwe republiek toegevoegd aan de Russische Federatie. Na een niet geheel transparant en democratisch referendum hebben pro-Russische milities twee van de grootste industriële centra in het oosten van Oekraïne onafhankelijk verklaard. Het niet annexeren van Donetsk en Loegansk na een plaatselijk verzoek aan Moskou wordt door Poetin voorgesteld als een voorbeeld van zijn grootmoedigheid. In werkelijkheid is het een signaal: hij heeft al genoeg gewonnen en neemt er genoegen mee dat de macht van de Oekraïense staat in deze oostelijke gebieden ernstig verzwakt is.

Hoe is het Rusland zo snel gelukt om met relatief weinig verliezen aan (pro-) Russische zijde Oekraïne te destabiliseren?

Ten eerste was Oekraïne al lange tijd een politiek rommeltje. Zoals Dorian Schaap schreef in het tweede nummer Volonté Générale van 2014 viert corruptie onverminderd hoogtij in Oekraïne.[1]  Dit wordt niet alleen duidelijk aan de hand van de foto’s van de rijkdommen in het presidentieel paleis van Janoekovitsj, maar ook het gemak waarmee Janoekovitsj een rechtszaak tegen Tymosjenko vanwege machtsmisbruik kon beginnen: terwijl Tymosjenko als vicepremier verantwoordelijk was voor energiezaken gaven haar man en schoonvader leiding aan de grootste gasimporteur van Oekraïne.

Daarnaast heeft het continue stuivertje wisselen tussen pro-Russische en meer pro-Westerse politici ervoor gezorgd dat er in West-Europese hoofdsteden enige terughoudendheid wordt betracht. Waarom zou men Oekraïne helpen als er een ondoorzichtige verkiezing later weer een kandidaat van de zijde van het Kremlin aan de touwtjes trekt?

Een gedeelde geschiedenis
Belangrijker echter dan de huidige politieke situatie in Oekraïne is de geschiedenis van het land en de identiteit van Oekraïne en de Oekraïners.

De geschiedenis van Oekraïne tot het einde van de Koude Oorlog kan misschien beter worden omschreven als de rol die de Oekraïne (het lidwoord geeft aan dat het om het gebied gaat, niet om het land) heeft gespeeld in de Russische geschiedenis. De Oekraïne is namelijk de geboorteplaats van Rusland. Hoewel historici, archeologen en etnografen nog volop discussiëren over de identiteit van de Middeleeuwse bewoners van het gebied, heeft zich in het Russische en Oekraïense bewustzijn een geschiedenis genesteld die als door God bekrachtigd is: De Kiev-Russen waren Oost-Slaven die na een korte Scandinavische overheersing in de negende eeuw hun opgang maakten in de vaart der volkeren en daarmee de basis legden voor het moderne Rusland. Rond het jaar 1000, op het toppunt van de Kiev-Russische macht, bekeerde het volk zich bovendien tot het orthodoxe christendom. Hiermee legde grootvorst Vladimir de Grote de basis voor het leiderschap van Rusland over de orthodoxe wereld in de latere eeuwen. Het rijk van de Kiev-Russen besloeg op dat moment grote delen van het huidige Wit-Rusland, Oekraïne en enkele van de belangrijkste steden van Rusland.

Deze historische connectie tussen de Kiev-Russen en de moderne Oost-Slavische volkeren heeft eeuwenlang het Oostelijk deel van de Oekraïne aan het rijk van de Russische tsaren gebonden. Het is niet slechts een symbolische band, ontleend aan één moment in de geschiedenis, zoals de Slag op Kosovo Polje die de Servische claim op Kosovo ondersteunt. Één van de belangrijkste fases uit de wordingsgeschiedenis van Rusland speelde zich af in het midden van de Middeleeuwen, tussen de Vistula en de Zwarte Zee – in de Oekraïne dus.

Ook in de meer recente geschiedenis zijn er genoeg moment die aantonen dat Oekraïne onderdeel van Rusland zou zijn. Wie het Nationale Museum van de Grote Vaderlandse Oorlog (gedeeltelijk gehuisvest in een 62-meter hoog metalen beeld van het Moederland dat zwaard en schild opheft richting Duitsland) in Kiev bezoekt wordt steeds opnieuw geconfronteerd met het feit dat de Oekraïne in de Tweede Wereldoorlog één van de meest zwaarbevochte gebieden was. Alleen door het lijden en sterven van de Oekraïners kon het Moederland gered worden van de nazi’s.

De geschiedenis die Rusland en de Oekraïne delen hebben ervoor gezorgd dat ook de identiteiten van de twee volkeren in enige mate met elkaar verweven zijn geraakt. Hierin schuilt een groot verschil tussen de situatie in Georgië en die in Oekraïne. Dorian Schaap gaat voorbij aan het feit dat Rusland voor Georgië altijd een land over de bergen was, met een andere taal, een ander schrift en buitenlandse gewoonten. Dit geldt niet voor Oekraïne.

Oekraïners en Russen zijn simpelweg niet verschillend genoeg om een duidelijk onderscheid tussen de twee groepen te maken. Er zijn grammaticale verschillen tussen het Russisch en het Oekraïens, maar de talen zijn zo gelijk dat een buitenlander die Russisch kan lezen, geen moeite heeft om ook teksten in het Oekraïens te begrijpen. Veel Oekraïners spreken van huis uit Russisch. Het gaat hierbij om een groter aantal dan de ongeveer 20% van de bevolking die zichzelf als Russen identificeert. ‘Ik heb van mijn ouders Russisch geleerd, maar ik woon in Oekraïne, dus ik ben een Oekraïner,’ aldus mijn jonge gids in het noorden van Oekraïne vorig jaar. Russen en Oekraïners gaan naar dezelfde kerken. De grote overeenkomsten tussen Russen en Oekraïners hebben ervoor gezorgd dat de twee bevolkingsgroepen zo lang naast en door elkaar hebben kunnen leven, zonder dat dit voor problemen zorgde.

Naast het gebrek aan verschillen is paradoxaal genoeg ook een gebrek aan eenheid een probleem voor de Oekraïense identiteit. Er is sinds 1991 niet genoeg tijd geweest om aan een overkoepelende identiteit te werken die belangrijker zou dan de oude Oekraïense en Russische identiteiten.  Een nieuwe identiteit voor het onafhankelijke Oekraïne die oude etnische gemeenschappen overstijgt. Er was, door de relatieve rust tussen de bevolkingsgroepen, geen reden om aan een dergelijke pan-nationale identiteit naar – overigens mislukt – Joegoslavisch voorbeeld te werken. Tevens was er weinig anders dat kon gelden als basis voor een eventuele nieuwe identiteit naast de al sterk met elkaar vermengde etnische identiteiten.

Gevolg van dit alles is dat een grote Russische minderheid, in veel gevallen op de hand van het Kremlin, binnen Oekraïne Russisch kon blijven. Het zelfbewuste en krachtige buitenlandbeleid van Vladimir Poetin – de man te paard die het Moederland nieuwe hoop geeft – heeft aan deze hang naar Rusland zeker bijgedragen. In een situatie als deze is er weinig nodig om een conflict uit de hand te laten lopen en het uiteindelijk te laten uitdraaien op twee min of meer onafhankelijke regio’s die aansluiting proberen te vinden bij de Russische Federatie.

Een nieuwe kaart van de regio?
Zoals gezegd: het conflict in Oekraïne is grotendeels een gedane zaak. Voorstellen tot een compromis door president Porosjenko zijn niet warm ontvangen door de leiders van de zelfstandige regio’s rond Donetsk en Loegansk. Het ziet er niet naar uit dat hier op korte termijn enige verandering in komt. Rusland lijkt tevreden met zijn territoriale winst en twee nieuwe vazalstaten. Wat betekent de uitkomst van dit conflict voor de staten in de Russische invloedssfeer?

Voor een directe aanval op een NAVO-lidstaat is Rusland te zwak. Dit zal de komende decennia zo blijven, zelfs met de geplande bezuinigingen op West-Europese krijgsmachten. Polen, de Baltische staten en zelfs het neutrale Finland hoeven niet te vrezen voor Russische agressie. Hoewel met name de Baltische staten grote Russische minderheden hebben, zal zelfs Poetin inzien dat een aanval op één NAVO-lidstaat een aanval op alle NAVO-lidstaten is, zoals omschreven staat in artikel 5 van het NAVO-verdrag.

De staten van Centraal-Azië lopen al aan de Russische hand. Bovendien zijn ze te verschillend van Rusland: regeren over Islamitische stammen die het onderling al moeilijk eens kunnen worden is voor de moderne tsaar Poetin geen aantrekkelijke optie. Dan is het beter om bevriende dictators te laten regeren over landen die afgezien van olie (die via Rusland verkocht moet worden) weinig te bieden hebben.

In de Kaukasus zal de Russische agressie waarschijnlijk beperkt blijven tot gebieden waarop Rusland redelijk sterke claims heeft, zoals Zuid-Ossetië. Een interventie wordt waarschijnlijker naarmate Georgië dichter bij NAVO-lidmaatschap komt, maar zal in elk geval een andere vorm hebben dan het conflict in Oekraïne. Voor Armenië zou een draai naar het Westen kunnen betekenen dat Rusland de Oekraïense draaiboeken weer uit de kast trekt. Maar ook hier moet de strategie ernstig aangepast worden doordat er te weinig Russen in Armenië wonen. Daarnaast is het onwaarschijnlijk dat Armenië zich binnenkort van Moskou afwendt.

De staten die het meest moeten vrezen voor een herhaling van Russische agressie zijn Georgië en Oekraïne. Als voor deze landen NAVO-lidmaatschap lonkt, zal Rusland opnieuw doen alsof het door het Westen in een hoek gedreven wordt en gebruik maken van het enige middel dat werkt: geweld. Waarschijnlijk werkt dit middel zo goed dat de West-Europese en Noord-Amerikaanse regeringen er veel aan zullen doen om NAVO-toetreding van deze risicolanden te vertragen. Want als het conflict in Oekraïne iets duidelijk heeft gemaakt is het wel dat weinigen in het Westen bereid zijn om de wapens op te nemen tegen het Rusland van Poetin. w

 Mike van de Weijer (1985) heeft Politieke Geschiedenis en Conflict Studies gestudeerd. Hij werkt voor een internationaal opererend internetbedrijf. In 2012 en 2013 bezocht hij respectievelijk Georgië en Oekraïne.


[1] D. Schaap, ‘Staat van chaos: Oekraïne tussen Rusland en Europa’, Volonté Générale n˚2 (2014) 42-46, online beschikbaar via: http://www.volontegenerale.nl/artikelen/staat-van-chaos-oekraine-tussen-rusland-en-europa/ (geraadpleegd op 9 november 2014).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>