Een politiek instituut

Koen Migchelbrink

Mike van Raak pleitte Volonté Générale n°4 (2014) voor afschaffing van de Eerste Kamer. Koen Migchelbrink bepleit het in stand houden ervan.

In het zomernummer van dit tijdschrift bepleitte Mike van Raak het afschaffen van de Eerste Kamer.[i] Hij betoogde dat de Eerste Kamer was ‘vervallen tot een politiek orgaan’ en dat afschaffing de enige mogelijkheid was om het functioneren van de politiek te kunnen verbeteren. In de beperkte ruimte die mij hier rest zal ik daarentegen betogen dat het politieke karakter van de Eerste Kamer niet valt te ontkennen en dat een politieke Eerste Kamer een waardevolle functie vervult in het Nederlandse parlementaire stelsel.

Politiek karakter van de Senaat
Het huidige kabinet van VVD en PvdA heeft geen meerderheid in de Eerste Kamer. De Eerste Kamer is hierdoor in de afgelopen jaren herhaaldelijk in opspraak geraakt. Eind 2013 dreigde PvdA-senator Adri Duivesteijn tegen het woonakkoord van minister Stef Blok te stemmen. Recentelijk ontketenden drie PvdA-senatoren een ware kabinetscrisis door tegen het zorgplan van minister Edith Schippers te stemmen. De ervaren politieke rol van de Senaat was voor de VVD aanleiding om tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen 2014/2015 in de Eerste Kamer te pleiten voor een staatscommissie die het tweekamerstelsel moet gaan onderzoeken. Met dit voorstel ging minister-president Mark Rutte akkoord.[ii] Gelijktijdig lijkt het debat over de rol van Eerste Kamer alleen maar toe te nemen nu het kabinet in aanloop naar de Statenverkiezingen van 18 maart daar de gedoogsteun dreigt te verliezen. Als gevolg van de minderheidssteun voor het kabinet in de Eerste Kamer worden senaatsbesluiten steevast in relatie tot het politieke voortbestaan van het kabinet beoordeeld. Een negatief oordeel van de Kamer wordt al gauw als een motie van wantrouwen gezien. Mede daarom wordt betoogd dat de Eerste Kamer wetgeving slechts op rechtmatigheid, uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid zou mogen toetsen en zich van een politiek oordeel moet weerhouden.

Apolitiek is politiek
De Eerste Kamer vormt een volwaardig onderdeel van de Staten Generaal. Hoewel haar wetgevende mogelijkheden beperkt zijn, heeft zij dezelfde controlebevoegdheden als de Tweede Kamer. In de loop van de tijd lijkt er op het Binnenhof een taakverdeling te zijn ontstaan. Over het algemeen legt de Tweede Kamer zich toe op de politieke wenselijkheid en noodzaak van wetgeving en richt de Eerste Kamer zich op de rechtmatigheid, uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid van wetgeving.[iii] Hieruit volgt echter niet dat de Eerste Kamer geen politieke besluiten zou mogen nemen. Als een parlementair representatief lichaam staat het politieke karakter van de Eerste Kamer niet ter discussie.

De zogenoemde apolitieke rol van de Eerste Kamer berust dan ook niet op het staatsrecht. De grondwet laat zich niet uit over een competentieverdeling tussen de Tweede en de Eerste Kamer, maar benadrukt institutionele gelijkheid.[iv] Eerder lijkt de houding van de Eerste Kamer ingegeven te zijn door eigentijdse opvattingen over de politieke inrichting van het staatsbestel. Door in het wetgevingsproces de nadruk te leggen op de kwaliteit van wetgeving heeft de Eerste Kamer van zichzelf een beeld weten te creëren van een chambre de réflection, tegenover de op ‘de waan van de dag’ gerichte Tweede Kamer aan de overzijde van het Binnenhof.[v] Dit is een bewuste politieke strategie. De kwaliteitstoets is immers inherent aan de parlementaire taak. Dat de Eerste Kamer hier de nadruk op legt zegt dan ook veel over haar oordeel over de kwaliteit van wetgeving in de Tweede Kamer.

De Eerste Kamer is boven alles een politiek instituut. Zelfs wanneer zij zich apolitiek opstelt, is dat een politieke keuze. Het argument dat de Eerste Kamer zou moeten worden afgeschaft omdat zij politiek bedrijft, is daarmee krachteloos. Sterker nog, dat is juist haar taak.

Democratische waarborg
Het belang van politieke oordeelsvorming door de Eerste Kamer komt nog duidelijker naar voren in haar controlerende taak. De parlementaire controle op de regering wordt door monistische verhoudingen tussen het kabinet en de haar aanverwante fracties in het parlement ernstig belemmert. De invloed van politieke partijen, regeerakkoorden en fractiediscipline werkt een niet al te strikte parlementaire controle in de hand. Regeringspartijen nemen het kabinet al snel tegen al te kritische geluiden in bescherming. Zo werd een parlementair onderzoek naar de besluitvorming rond de politieke steun van kabinet-Balkenende II aan de Amerikaans-Britse inval in Irak in 2003 door de fractie van het CDA consequent geblokkeerd. Sterker nog, de PvdA kon alleen toetreden tot kabinet-Balkenende IV wanneer zij bij voorbaat afzag van een dergelijk parlementair onderzoek.

In de Eerste Kamer speelt het monisme een minder belangrijke rol dan in de Tweede Kamer. In tegenstelling tot de regeringsfracties in de Tweede Kamer verbinden de aanverwante fracties in de Eerste Kamer zich niet aan het aan te treden kabinet en komen zij onderling geen regeerprogram overeen. Onterecht wordt hiermee aangenomen dat een kabinet geen meerderheid nodig heeft in de Eerste Kamer; het huidige kabinet ondervindt dit aan den lijve. Het betekent echter wel dat de Eerste Kamer beter toegerust is om adequate parlementaire controle op de regering uit te oefenen dan de Tweede Kamer. Eerste Kamerleden laten zich in de regel minder gelegen liggen aan partijdiscipline (denk aan de verwerping van het zorgakkoord) en maken van de parlementaire controle geen politiek wapen.[vi]

Bovenal mag een democratie principieel niet zo worden ingericht dat regeren zo makkelijk mogelijk wordt gemaakt. Het democratisch proces is gebaseerd op de trias politica – macht en tegenmacht – en bestaat bij de gratie van verscheidenheid. Transparantie, publieke discussies en het uitonderhandelen van tegenstrijdige belangen vertragen de politieke besluitvorming en belemmeren efficiënte besluitvorming, maar vormen een onmisbaar onderdeel van onze democratie. De intelligentie van de democratie is daarin gelegen dat besluitvorming niet makkelijk gaat, dat alle bevolkingsgroepen en maatschappelijke belangen worden gehoord en dat niet één partij – ideologie of regering – haar stempel op de staat kan drukken.[vii] Een politieke Eerste Kamer vormt daartoe een institutionele waarborg.

Het ontkennen of relativeren van het politieke karakter van de Eerste Kamer is een methode om de politieke moeilijkheden van het huidige kabinet onder het tapijt te schuiven. Een politieke rol van de Eerste Kamer is dan ook geen reden om haar afschaffing te bepleiten; eerder benadrukt haar politieke rol haar bestaansrecht. Een politieke Eerste Kamer vormt een waardevol onderdeel in de Nederlandse democratie. Institutionele spanningen en rivaliteit gaan samen in het Nederlandse parlementaire stelsel. Daar kunnen wij uit democratisch oogpunt alleen maar tevreden mee zijn.

Koen Migchelbrink (1990) studeert Geschiedenis (master Politiek en Parlement) en Bestuurskunde aan de Radboud Universiteit.


[i] M. van Raak, ‘Tegen de Eerste Kamer’, Volonté Générale no 3 (2014) 8-11.

[ii] Handelingen Eerste Kamer, 2014-2015, 16.

[iii] F. de Vries, ‘Het Nederlandse tweekamerstelsel: over de plaats en de taak van de Eerste Kamer’, Nederlands Juristenblad 38 (2001) 1829.

[iv] Ibidem.

[v] B. van den Braak, ‘Geen zelfreflectie, maar zelfbewustzijn. De Eerste Kamer in de periode 1995-2009’, in: C. van Baalen e.a. red., Jaarboek Parlementaire Geschiedenis 2009. In Tijden van crisis (Nijmegen 2009) 94.

[vi] In 2011 hield de Eerste Kamer een parlementair onderzoek naar de verzelfstandiging/privatisering van voormalige overheidsdiensten. De onderzoekscommissie werd algemeen geprezen voor haar zakelijke en inhoudelijke werkwijze. De vrees dat het parlementair onderzoek als een politiek wapen zou worden gebruikt bleek ongegrond. Zie: HEK, 2010-2011, C, A. & HEK, 2010-2011, 6-44.

[vii] C. Lindblom, The Intelligence of Democracy. Decision making trough mutual adjustment (London 1965).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>