De monarchie: in ons aller voordeel

Gijs Dupont

Nu Beatrix het veld zal ruimen en haar zoon, Prins Willem-Alexander, haar taken over zal nemen, is het weer tijd om discussie te voeren over het bestaansrecht van onze monarchie. Dit is een levendige discussie die reeds enkele decennia bij tijd en wijlen opkomt. Graag doe ik anno 2013 een duit in het zakje.

Om te beginnen zou ik het belang van deze discussie willen relativeren. Het bestaan van de monarchie leidt tot mijn beste kennis niet tot problemen in praktische, staatsrechtelijke of democratische zin. Mijn stelling is dan ook dat wanneer iets goed verloopt, zoals de monarchie in Nederland, er in eerste instantie geen aanleiding is tot verandering. Waarschijnlijk zullen door deze stelling de haren van republikeinen recht overeind gaan staan.

Want de monarchie is toch alles behalve democratisch?
Inderdaad! De koning(in) is een niet-gekozen staatshoofd. De vraag is echter hoe erg we dat moeten vinden. Ik ben van mening dat dit geen probleem is. Ten eerste omdat niet alles dat gekozen is per sé beter hoeft te zijn. Zo worden er over hele wereld presidenten democratisch gekozen, die vervolgens een bijzonder grote macht hebben en deze macht gebruiken en in sommige situaties zelfs misbruiken. De staatsrechtelijke situatie Nederland, een regering die wordt gecontroleerd door een parlement, is zowel wenselijk als uiterst democratisch. Op deze manier garanderen wij immers een mandaat wordt gegeven aan het orgaan met het politieke primaat: het parlement. Het parlement heeft het laatste woord, zo bleek onlangs nog bij de kabinetsplannen voor de woningmarkt, en hier kan de koning(in) niets aan afdoen. Graag vergelijk ik deze situatie met het huidige Franse model, waar parlement (en de daaruit voortvloeiende regering) separaat van de president wordt gekozen. Dit heeft tot gevolg dat het kan voorkomen dat president en premier van verschillende politieke kleur zijn. Dit kan de politieke stabiliteit in gevaar brengen.

Inmiddels zullen de republikeinen beginnen te morren en zeggen: ‘De koning(in) heeft wel degelijk invloed!’ Waarschijnlijk heeft de koningin inderdaad enige vorm van invloed. Die invloed is echter beperkt tot lintjes knippen, een wekelijks gesprek met de minister-president en halfjaarlijkse gesprekken met de overige ministers en staatssecretarissen. Daarbij merk ik – overigens zonder te oordelen – op dat zij het afgelopen najaar buiten de formatie is gehouden. Haar grootste  invloedsmogelijkheid is haar dus afgenomen. Wat rest is louter ceremonieel en informerend. Over het informerende gedeelte, de gesprekken met minister-president en ministers, wordt nog wel eens krampachtig gedaan. Want ‘we’ weten immers niet wat er in deze gesprekken wordt gezegd. Dat is waar, maar het geldt evenzeer voor elke wekelijkse ministerraad. Deze zijn ook gesloten, althans voor een periode van 25 jaar. Daarnaast is het belangrijk u te verplaatsen in een minister op het moment dat hij of zij in gesprek is met de koning(in). Natuurlijk kan de koning(in) kritisch zijn of het oneens zijn met uw beleid en voorstellen. Maar u bent een zelfstandig lid van de regering en dient verantwoording af te leggen aan parlement, partij en volk. Niet aan de koning(in). Ik ben er dan ook ter stelligste van overtuigd dat een zichzelf respecterend minister de adviezen van koning(in) ter harte neemt, maar zelfstandig een afweging maakt. U heeft immers niets te vrezen van de koning(in).

De echte republikein zal inmiddels wel briezen: ‘Waarom niet je staatshoofd kiezen als het toch zo weinig voorstelt?’ Mijn antwoord zou zijn: juist niet doen! Door te stemmen kiezen de burgers vertegenwoordigers die namens de burgers beslissingen in het algemeen belang maken. Door verkiezingen te houden voor een functie zonder enige beslissingsbevoegdheid en zeer beperkte invloed zou het kiesrecht enkel gedevalueerd worden. U gaat toch ook liever naar het stemhokje als er daadwerkelijk iets op het spel staat?

Want de monarchie is toch duur?
Tegenstanders van de monarchie die stellen dat de monarchie duur is hebben een punt. De monarchie is vrij kostbaar. Naar de meest berekeningen van de Belgische hoogleraar Herman Matthijs kost de monarchie de schatkist in zijn totaliteit zo’n 39 miljoen euro per jaar. Hier moet echter wel tegenover gesteld worden dat een president óók veel geld kost. Daarbij is het afhankelijk van de importantie die de functie meekrijgt hoeveel een eventuele president kost. Ter vergelijking: Uit het bovengenoemde onderzoek blijkt dat de Franse president zo’n 119 miljoen euro per jaar kost en de Duitse president brengt in totaal zo’n 30 miljoen euro in kosten met zich mee.[1] Hierin zijn de kosten van de verkiezing overigens nog buiten beschouwing gelaten. Mijns inziens is het argument van de kosten niet het sterkste argument om de monarchie als geheel ter discussie te stellen. Hetgeen overigens niet betekent dat we niet kritisch mogen zijn op de kosten die de monarchie met zich meebrengt.

Het gaat immers om wat de monarchie representeert
Overigens ligt de steun van de Nederlandse bevolking voor de monarchie tussen de 86 en 93%.[2] Dit is niet zo vreemd. De huidige koningin heeft zich immer gepresenteerd als een symbool van de Nederlandse nationale eenheid. Mede doordat zij feitelijk buiten de politiek staat, kan zij zich boven de politiek plaatsen. De monarchie staat altijd voor alle Nederlanders. Een president zal toch altijd vooral voor een bepaald deel van de bevolking staan. Op zichzelf is er dan ook weinig mis met het hebben van een staatskundig symbool van nationale eenheid. Juist in een tijd van verscherpte politieke tegenstellingen en maatschappelijke turbulentie is het nuttig om de zekerheid te hebben van een moeder des vaderlands. Een persoon die alle Nederlanders herinnert aan wie ze zijn en waar ze vandaan komen. Iemand die Nederland en haar waarden in het buitenland kan vertegenwoordigen en in staat is langdurige relaties op te bouwen. Dit betaalt zich terug in de vele handelsbezoeken die steevast meegaan met de staatsbezoeken van de koningin. Daarom concludeerde de Tilburgse hoogleraar Harry van Dalen in 2010 dat de continuïteit die het koningshuis met zich meebrengt in positieve zin bijdraagt aan het succes van de Nederlandse handelsrelaties en zo de economie met 1% stimuleert.[3] De monarchie is dus in ons aller voordeel. Daarom is mijn oordeel over de monarchie: ‘priceless? Nee. Kostbaar? Zeker!’

Gijs Dupont (1983) is parlementair historicus en politicoloog en werkzaam voor het Europees Parlement.


[1] H. Matthijs, ‘De kostprijs van de monarchie in Europa’, beschikbaar via http://media.rtl.nl/media/actueel/rtlnieuws/2012/Monarchie2011FIN.pdf (geraadpleegd op 25 februari 2013).

[3] Matthijs, ‘De kostprijs van de monarchie in Europa’.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>