Marokkaanse moraliteit in beweging

Marte van den Bosch

Jongeren van Marokkaanse komaf zijn sterk oververtegenwoordigd in de criminaliteitscijfers. In 2009 is ongeveer één op de twintig Marokkaanse jongeren aangehouden voor een misdrijf, terwijl onder autochtone Nederlandse jongeren slechts één op de honderd is aangehouden. Wanneer meisjes, die bijna niet in aanmerking komen met justitie, buiten beschouwing worden gelaten, blijkt 13% van de minderjarige Marokkaanse jongens verdacht te zijn geweest van een misdrijf. Onder jongvolwassenen is dit zelfs 20%, wat betekent dat één op de vijf jongvolwassen Marokkaanse jongens verdacht is geweest in 2009.[1] In 2010 waren deze cijfers nog steeds van toepassing. Hoewel deze cijfers erop kunnen wijzen dat de politie Marokkaanse jongeren meer in de gaten houdt, geven Marokkaanse jongeren zelf aan dat ze inderdaad vaker te maken hebben met problemen als agressie en delinquentie.[2]

De hogere delinquentie onder Marokkaanse jongeren kan te verklaren zijn vanuit het feit dat Marokkaanse jongeren vaak een cultuurconflict ervaren. De cultuur van het land van herkomst is moeilijk te verenigen met de cultuur van de Nederlandse samenleving. Marokkaanse jongeren moeten schipperen tussen verschillende, soms contrasterende eisen die in verschillende contexten bestaan. Hierdoor ontstaat een situationele moraliteit, waarbij in verschillende situaties verschillende waarden van belang worden geacht. Zo zal het in het gezin zeer belangrijk zijn om onvoorwaardelijk te gehoorzamen aan je ouders, terwijl op school juist assertiviteit en het opkomen voor je eigen mening wordt verwacht. Omdat Marokkaanse ouders de culturele eisen van de Nederlandse samenleving niet altijd goed kennen, worden de jongeren niet goed voorbereid om goed te functioneren in de Nederlandse maatschappij. De culturele integratie van Marokkaanse jongeren lijkt hierdoor te stokken. Marokkaanse jongeren leren geen flexibiliteit aan waarmee zij zich in verschillende culturele contexten kunnen begeven. Hierdoor zullen zij zich in veel situaties niet veilig voelen en identificeren zij zich niet met Nederland of de Nederlandse instituties, waardoor de stap naar criminaliteit eerder gemaakt is.

In het huidige integratiebeleid worden vrouwen aangemerkt als sleutelfiguren die de culturele integratie van Marokkanen zouden kunnen bewerkstelligen door hun kinderen te socialiseren in de Nederlandse waarden. De opvoeding wordt in dit verband gezien als hoeksteen in de vorming van ‘goede’ Nederlandse burgers. Het gezin is immers de primaire plek voor de overdracht en internalisering van waarden en normen.[3] Als in de opvoeding van Marokkaanse gezinnen voldoende aandacht zou zijn voor de Nederlandse waarden en gebruiken, zouden Marokkaanse jongeren dus beter integreren in de Nederlandse samenleving.

De wijze waarop waarden worden overgedragen bepaalt op welke manier een kind de waarden van een gemeenschap aangeleerd krijgt. Deze morele vorming vindt plaats in verschillende settings. De bredere context waarin een gezin acteert, speelt een rol in het genereren en internaliseren van waarden. Het ligt voor de hand dat de wijze waarop deze waarden worden overgedragen per cultuur verschilt. Op welke manier worden opvoedingswaarden overgedragen binnen Marokkaanse gezinnen en hoe komt de morele vorming van een Marokkaans-Nederlands kind tot stand?

Opvoedingsstijlen onder Marokkanen en Nederlanders
Opvoedingsstijlen representeren het opvoedingsgedrag van ouders, wat uiteen valt in twee dimensies, te weten ondersteuning en controle.[4] De dimensie controle betreft de eisen en verwachtingen die ouders het kind stellen. Het is gedrag dat erop gericht is het gedrag van het kind te veranderen. Ondersteuning, of responsiviteit, omvat daarentegen de reacties van de ouders op de eisen en verlangens van het kind. Het is gericht op het fysieke en emotionele welzijn van het kind, drukt liefde uit naar het kind en heeft tot doel dat het kind zich begrepen en geaccepteerd voelt. Op basis van deze dimensies vier opvoedingsstijlen, namelijk ‘autoritatief’, ‘autoritair’, ‘permissief’ en ‘verwaarlozing’.

Ouders die een autoritatieve opvoedingsstijl hanteren, scoren zowel hoog op ondersteuning als op (autoritatieve) controle. Er worden dus verwachtingen geformuleerd naar het kind en het kind wordt ook ondersteund in het voldoen aan deze verwachtingen. De eisen die ouders stellen zijn duidelijk geformuleerd en worden consequent nageleefd. Bij het stellen van regels worden regels uitgelegd en ouders doen een beroep op het begrip van het kind. Straffen gebeurt niet op basis van macht, maar op basis van rede. Het uitdelen van straffen wordt dan ook beargumenteerd. Er vindt een open communicatie tussen ouders en kind plaats waarbij ieder zijn eigen mening kan geven en er naar elkaar geluisterd wordt. Autoritatieve ouders focussen op zelfstandigheid, maar stellen hierbij duidelijke grenzen die begripvol aan het kind worden uitgelegd. De autoritatieve stijl wordt gezien als de opvoedingsstijl met de meest positieve invloed op de ontwikkeling van kinderen.

Een autoritaire opvoedingsstijl houdt in dat ouders autoritaire controle uitoefenen op hun kind, maar daarbij weinig ondersteunend en responsief zijn. Ze scheppen voor het kind een geordende, gestructureerde omgeving, waarin duidelijke regels gelden. Gehoorzaamheid staat bij autoritaire ouders hoog in het vaandel, wat inhoudt dat kinderen vaak zonder vragen behoren te gehoorzamen. Tegenspreken van de ouders wordt niet op prijs gesteld, de macht van de ouders moet te allen tijde geaccepteerd worden. Door middel van strenge straffen, die niet richting het kind worden toegelicht of verantwoord, wordt geprobeerd het gedrag van het kind te veranderen.

Nederlandse ouders zijn over het algemeen warm en intensief ondersteunend. Ze zijn gevoelig voor de signalen die kinderen geven, en gaan hier affectief en positief op in. Bovendien geven ze vaak aan dat ze van het kind houden en troosten ze het kind in gevallen waarin dit nodig is. Qua controle zijn Nederlandse ouders met name autoritatief. De ouders steunen niet enkel op hun gezag en geven het kind inspraak in beslissingen. Daarnaast wordt de autonomie van het kind benadrukt in interactie met het kind en moedigen ouders kinderen aan om onafhankelijk te zijn. Autoritaire controle wordt minder ingezet dan autoritatieve controle, maar komt zeker voor, met name in de vorm van belonen. Als een kind zich goed gedraagt, wordt het wel eens beloond door middel van een complimentje of een leuke activiteit. Tijdens straffen wordt niet altijd een even goede uitleg gegeven en wordt bovendien de stem vaak verheven. Kinderen worden regelmatig naar hun kamer gestuurd, maar negeren of fysieke straffen komen als autoritaire methode amper voor.[5] Bovendien speelt conformisme een grote rol in de Nederlandse opvoeding, zelfs een grotere rol dan autonomieontwikkeling.[6]

Het traditionele rollenpatroon met betrekking tot de taken van vaders en moeders is in een meerderheid van de gezinnen niet meer zo sterk aanwezig. Moeders maken wel meer gebruik van autoritatieve controle dan vaders, die meer op een autoritaire manier controle uitoefenen op kinderen. Daarnaast zijn moeders meer ondersteunend, hoewel Nederlandse jongeren ook steun van hun vader ondervinden. Nederlandse ouders brengen over het algemeen dus een autoritatieve opvoedingsstijl in de praktijk, maar vormen van autoritaire controle zijn hierin niet altijd vreemd. Al met al kun je zeggen dat de Nederlandse gezinsopvoeding een positief verloop kent, maar dat het niet een opvallend eigen gezicht kent.

Marokkaanse moeders zijn, net als Nederlandse ouders, zeer ondersteunend. Ondersteuning van Marokkaanse moeders heeft echter een meer collectivistisch karakter dan de ondersteuning van Nederlandse ouders. De steun is minder individugericht en is vooral gericht op het in stand houden van de groep. Wat betreft controle zijn er meer verschillen tussen Nederlandse en Marokkaanse ouders. Hoewel autoritatieve controle langzaam zijn ingang begint te vinden bij Marokkaanse gezinnen, zijn zij minder gericht op het benadrukken van de autonomie van het kind en meer op conformisme dan Nederlandse ouders. Wel geven Marokkaanse moeders veel uitleg bij de beslissing die zij nemen omtrent het kind. Straffen en belonen zijn echter ook methoden die Marokkaanse moeders niet schuwen. Strenge, soms zelfs fysieke straffen, komen nog regelmatig voor bij Marokkaanse gezinnen. Marokkaanse moeders brengen dan ook meer autoritaire controle in praktijk dan Nederlandse ouders, maar nog steeds scoren ze er niet hoog op. Vaders spelen een marginale rol in de opvoeding, maar wanneer er streng opgetreden moet worden, komen vaders regelmatig om de hoek kijken. Vaders worden door Marokkaanse jongeren dan ook als dominant en streng ervaren. Jongeren geven aan dat ze weinig steun van vaders ondervinden.[7]

Er lijkt een mengvorm van controle te zijn ontstaan, waar bij autoritatieve en autoritaire controle elkaar afwisselen en aanvullen. Onderzoek wijst uit dat de meeste Marokkaanse gezinnen deze warme, maar qua controle gemengde, opvoedingsstijl gebruiken. Daarnaast komen een warme, autoritaire opvoedingsstijl (hoog op ondersteuning, hoog op autoritaire controle, laag op autoritatieve controle) en een ‘klare’ – dat wil zeggen dat de opvoeding bijna afgerond is – opvoedingsstijl, die zich kenmerkt doordat ze slechts gematigd autoritatief is en laag scoort op beide andere dimensies, veel voor. Al met al lijkt er zich een verschuiving af te tekenen van een traditionele, autoritaire opvoedingsstijl – zoals deze in vroeger in Marokko gebruikelijk was – naar een autoritatieve opvoedingsstijl, waarin ook autoritaire elementen aanwezig zijn. De eerste generatie maakt nog steeds veel gebruik van autoritaire controle, maar de jongere generatie, met name de hoger opgeleide mensen hierbinnen, richten zich meer op autoritatieve controle, bijvoorbeeld door meer onderhandeling en uitleg in de praktijk te brengen. De opvoedingsstijlen blijken tegenwoordig dan ook niet erg te verschillen tussen Nederlanders en Marokkanen, maar Marokkaanse ouders gebruik nog wel steeds meer autoritaire en minder autoritatieve methoden om controle op hun kinderen uit te oefenen.[8] Daarnaast richten Marokkaanse ouders zich meer op conformisme van de kinderen dan op autonomieontwikkeling.

Privé en publiek
Door de tweestrijd tussen autonomie en conformisme ontstaat er een sterk onderscheid tussen het privé- en publieke domein. Er ontstaat niet zozeer een ontwikkeling van het privédomein – conformisme blijft heel belangrijk – waardoor de pluriformiteit tussen de verschillende omgevingen waarin een kind leeft, blijft bestaan. Het gezin blijft in feite losstaan van de overige systemen, maar kinderen leren door de mengvorm van opvoedingsstijlen wel goed om te gaan met deze pluriformiteit. Marokkanen leren zich flexibel op te stellen, omdat ze zich in de verschillende contexten naar verschillende sociale eisen moeten kunnen voegen. Door het onderscheid tussen publiek en privé zijn Marokkaanse kinderen genoodzaakt een functionerend meervoudig zelf te ontwikkelen.

De ontwikkeling is vanuit Pels’ oogpunt te verklaren, aangezien er steeds meer Marokkaanse ouders zijn die de sociale eisen van de Nederlandse maatschappij kennen en er dus beter in slagen om hun kind goed voor te bereiden op de Nederlandse samenleving. Kinderen groeien op met een beter beeld van de Nederlandse samenleving en krijgen steeds meer mee van de Nederlandse waarden. Marokkaanse jongeren leren zich functioneel tussen twee culturen te begeven. Bij een goed functionerend meervoudig zelf, kan een Marokkaan de privésfeer zonder moeite gescheiden houden van het publieke domein en kan de mengvorm van opvoedingsstijlen bijdragen aan een goed functionerende Marokkaanse gemeenschap in Nederland die enerzijds zijn cultuur continueert, maar anderzijds weet wat van hem verwacht om in de Nederlandse maatschappij succesvol te zijn.

Marte van den Bosch (1988) heeft, na een bachelor Cultuur- en godsdienstpsychologie, Religie & Beleid gestudeerd. Vanaf het begin van haar studie heeft ze zich gericht op integratieprocessen van met name islamitische migranten in Nederland.


[1] L. Van Noije en R. Kessels, ‘Verdachten, slachtoffers en onveiligheidsgevoelens’, in: M. Gijsberts e.a. (ed.), Jaarrapport integratie 2011 (Den Haag 2011) 204.

[2] M. Deković en J.J. Asscher, ‘Risicoreductie. Interventies voor jongeren die antisociaal gedrag vertonen. Kenmerken, werkzame mechanismen en moderatoren van effectiviteit’, in: D. Brons e.a. (ed.), Het kennisfundament t.b.v. de aanpak van criminele Marokkaanse jongeren (Den Haag 2008) 111.

[3] U. Bronfenbrenner, ‘Toward an experimental ecology of human development’, American Psychologist 32 (1977) 513-531.

[4] D. Baumrind, ‘Effects of authoritative parental control on child behavior’, Child Development 37 (1966) 887-907.

[5] Voor meer informatie over ondersteuning en controle bij Nederlandse gezinnen, zie: F. Bucx en S. de Roos, ‘Opvoeden in Nederland’, in: F. Bucx, Gezinsrapport 2011 (Den Haag 2011) 152-180; en J. Rispens e.a. (ed.), Opvoeden in Nederland (Assen 1996).

[6] C. Nijsten, ‘Opvoedingsgedrag’, in: T. Pels (ed.), Opvoeding en integratie. Een vergelijkende studie van recente onderzoeken naar gezinsopvoeding en de pedagogische afstemming tussen gezin en school (Assen 2000) 56-87.

[7] Voor meer informatie over ondersteuning en controle bij Marokkaanse gezinnen, zie: T. Pels, Opvoeding in Marokkaanse gezinnen in Nederland. De creatie van een nieuw bestaan (Assen 1999); en T. Pels en C. Nijsten, ‘Jongeren over hun opvoeding’, in: T. Pels (ed.), Opvoeding en integratie. Een vergelijkende studie van recente onderzoeken naar gezinsopvoeding en de pedagogische afstemming tussen gezin en school (Assen 2000) 88-113.

[8] T. Pels en M. de Haan, Continuity and change in Moroccan socialisation: A review of the literature on socialisation in Morocco and among Moroccan families in the Netherlands (Utrecht 2003).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>